ECLI:NL:RBDHA:2025:6094

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
11 april 2025
Publicatiedatum
11 april 2025
Zaaknummer
NL25.5026
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • H. Hanssen - Telman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit minister

Verzoeker heeft bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie van 31 januari 2025 en tegelijkertijd een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend om uitzetting uit te stellen tot het beroep is beslist.

De voorzieningenrechter overweegt dat op grond van artikel 8:81 Awb Pro een voorlopige voorziening kan worden getroffen indien onverwijlde spoed daartoe noodzaakt. Echter, aangezien het hoofdberoep met zaaknummer NL25.5025 op dezelfde dag ongegrond is verklaard, is er geen aanleiding meer om een voorlopige voorziening toe te kennen.

Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter H. Hanssen - Telman en is zonder mogelijkheid tot hoger beroep of bezwaar.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het uitzettingsbesluit is afgewezen omdat het hoofdberoep ongegrond is verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.5026

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , V-nummer: [nummer] , eiser

(gemachtigde: mr. A. de Haan)
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister

(gemachtigde: mr. P. Loijenga).

Inleiding

1. Bij beroepschrift van 3 februari 2025 heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank tegen het besluit van de minister van 31 januari 2025. Dit beroep is geregistreerd onder zaaknummer NL25.5025.
2. Bij verzoekschrift van 3 februari 2025 heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat uitzetting achterwege wordt gelaten tot op het beroep is beslist.
3. Bij uitspraak van heden is het connexe beroep ongegrond verklaard.

Overwegingen

4. Ingevolge artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, indien tegen een besluit bij de rechtbank beroep is ingesteld dan wel, voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank, bezwaar is gemaakt of administratief beroep is ingesteld, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
5. Aangezien het beroep met zaaknummer NL25.5025 bij uitspraak van vandaag ongegrond is verklaard, bestaat er geen aanleiding een voorlopige voorziening te treffen.
6. Het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening dient om die reden te worden afgewezen.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen - Telman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P.C.J. Lindeijer, griffier, en bekend gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.