ECLI:NL:RBDHA:2025:6002
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen beëindiging opvangvoorzieningen asielzoekers
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 9 april 2025 een voorlopige voorziening getroffen in een bestuursrechtelijke zaak tussen een verzoeker en de minister van Asiel en Migratie. De minister had op 27 februari 2025 een besluit genomen om een aanvraag niet in behandeling te nemen, waartegen de verzoeker bezwaar maakte.
Vanwege het spoedeisende karakter van de zaak, waarbij het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) had aangegeven de opvangvoorzieningen op 10 april 2025 te zullen beëindigen, kon de voorzieningenrechter niet binnen de korte termijn een zorgvuldige uitspraak doen. Daarom is bij wijze van ordemaatregel de schorsing van de rechtsgevolgen van het bestreden besluit bevolen.
Dit betekent dat de opvangvoorzieningen niet mogen worden beëindigd totdat de voorzieningenrechter definitief uitspraak heeft gedaan op het verzoek om een voorlopige voorziening. De uitspraak is telefonisch gedaan op 9 april 2025 en schriftelijk bevestigd op 10 april 2025. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het besluit van 27 februari 2025 worden geschorst tot definitieve uitspraak, waardoor de opvangvoorzieningen niet mogen worden beëindigd.