De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen een last onder bestuursdwang opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk aan [bedrijf] B.V. vanwege ernstige brandveiligheidsovertredingen in een zalencentrum. Na meerdere constateringen van overtredingen en het niet naleven van opgelegde dwangsommen, legde het college een last onder bestuursdwang op die het gebruik van vijf zalen verbood.
Verzoekster heeft gedurende de procedure zelf het gebruik van de zalen gestaakt, maar vroeg om een voorlopige voorziening om het zalencentrum onder voorwaarden te mogen gebruiken. De voorzieningenrechter stelde vast dat vrijwel alle gebreken waren hersteld, behalve de formele gebruiksmelding brandveilig gebruik die nog onvolledig was. Tevens was vastgesteld dat tijdens een feest het maximale aantal bezoekers in de Metropoolzaal fors werd overschreden, wat leidde tot intrekking van de ontheffing.
Na belangenafweging besloot de voorzieningenrechter dat het zalencentrum voor een periode van acht weken mag worden geëxploiteerd, beperkt tot bruiloften en met strikte maximumaantallen per zaal conform de laatst verleende ontheffing. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekster. De uitspraak is bindend en er is geen hoger beroep mogelijk.