ECLI:NL:RBDHA:2025:5621
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid vrees voor vervolging in Turkije
Eiser, een Turkse Koerd en biseksueel, diende op 19 april 2023 een asielaanvraag in. Hij vreesde vervolging door Turkse autoriteiten vanwege een vermeende terroristische link via zijn oom met de HDP en vanwege discriminatie en geweld door zijn familie en samenleving wegens zijn biseksualiteit.
De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag op 13 januari 2025 af wegens onvoldoende bewijs van de terroristische connectie en onvoldoende aannemelijkheid van het risico op ernstige schade bij terugkeer. De rechtbank behandelde het beroep op 14 maart 2025.
De rechtbank oordeelde dat de minister de vrees van eiser om als terrorist te worden gezien terecht ongeloofwaardig achtte, mede omdat eiser geen documenten kon overleggen en zijn verklaringen niet samenhangend waren. Ook de vrees voor geweld door familie wegens biseksualiteit werd niet aannemelijk geacht, omdat geen bewijs was dat de familie nog naar eiser zocht.
Daarnaast vond de rechtbank dat de situatie voor LHBTIQ en Koerden in Turkije niet zodanig is dat eiser niet kan functioneren in de samenleving. Eiser had kunnen studeren, werken en medische zorg ontvangen. Daarom kwam eiser niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de afwijzing van de asielaanvraag.