ECLI:NL:RBDHA:2025:541
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak opvolgende asielaanvraag
De minister van Asiel en Migratie heeft op 30 september 2024 een opvolgende asielaanvraag van verzoeker afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de voorzieningenrechter.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting, conform artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Tegelijkertijd is op dezelfde dag uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.38377).
Gezien de uitspraak in de hoofdzaak wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 15 januari 2025 en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag wordt afgewezen.