Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
L.H.-arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 10 juni 2021, ECLI:EU:C:2021:478.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Iraakse soenniet, vroeg asiel aan in Nederland vanwege vrees voor vervolging door milities vanwege toegedichte betrokkenheid bij IS en zijn familiebanden met IS-leden. De minister wees de aanvraag af op basis van ongeloofwaardigheid van deze betrokkenheid en onvoldoende bewijs.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht twijfelde aan de persoonlijke betrokkenheid van eiser bij IS vanwege tegenstrijdige verklaringen en gebrek aan originele documenten. Echter heeft de minister nagelaten te beoordelen of de toegedichte betrokkenheid voortvloeit uit familiebanden met IS-leden, wat volgens ambtsberichten en rapporten een reëel risico kan vormen.
Daarom is de geloofwaardigheids- en zwaarwegendheidsbeoordeling onvoldoende gemotiveerd en in strijd met het zorgvuldigheidsvereiste van de Awb. De rechtbank vernietigt de besluiten en draagt de minister op een nieuwe, goede beoordeling te maken. Tevens worden de proceskosten aan eiser toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de asielaanvraag en draagt de minister op opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak.