Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Syrisch-Armeense asielzoeker, diende op 20 januari 2023 een asielaanvraag in. De minister verklaarde deze niet-ontvankelijk op grond van het bestaan van een veilig derde land, Armenië, waar eiser eerder kort verbleef en waarvan hij de Armeense etniciteit heeft.
Eiser betoogde dat zijn Armeense afkomst onvoldoende is om een redelijke verwachting te scheppen dat hij zich in Armenië zal vestigen, mede omdat hij geen Armeens staatsburger is en Armenië slechts als doorreisland gebruikte. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft verricht naar de aard, duur en omstandigheden van het eerdere verblijf van eiser in Armenië.
De rechtbank volgde de jurisprudentie dat een enkele etniciteit en kort verblijf onvoldoende zijn voor het aannemen van een significante band met het veilige derde land. Het bestreden besluit is daarom in strijd met de Awb tot stand gekomen en wordt vernietigd. Verweerder moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak.