ECLI:NL:RBDHA:2025:4787
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel vreemdelingenbewaring en afwijzing schadevergoeding
De rechtbank Den Haag heeft op 21 maart 2025 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende het voortduren van een maatregel van vreemdelingenbewaring opgelegd op 21 januari 2025. Eiser had beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en tevens een verzoek om schadevergoeding ingediend.
De rechtbank overwoog dat de maatregel van bewaring reeds eerder was getoetst en rechtmatig was tot 5 februari 2025. De beoordeling richtte zich daarom op de periode vanaf die datum. Hoewel eiser stelde dat de maatregel was geëxpireerd, concludeerde de rechtbank op basis van een voortgangsrapport dat de bewaring op 28 februari 2025 rechtmatig was verlengd met maximaal drie maanden conform artikel 59b, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000.
Daarnaast heeft de rechtbank ambtshalve de rechtmatigheidsvoorwaarden van de maatregel getoetst, mede gelet op een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie, en geen onrechtmatigheid vastgesteld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.