ECLI:NL:RBDHA:2025:4298
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen overplaatsing naar gezinslocatie Burgum
Verzoekers, allen van Nigeriaanse nationaliteit, hebben een voorlopige voorziening gevraagd om tijdens hun beroepsprocedure tegen een vrijheidsbeperkende maatregel te mogen verblijven in het asielzoekerscentrum (AZC) Harderwijk in plaats van te worden overgeplaatst naar de gezinslocatie (GL) in Burgum.
De minister had op 17 maart 2025 een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd die verzoekers verplichtte om te verblijven in de GL te Burgum. Verzoekers stelden dat deze overplaatsing slecht is voor hun gezondheid omdat zij dan geen contact meer kunnen hebben met hun behandelaren en medisch specialisten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek niet kan leiden tot het opleggen aan het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) om opvang te blijven bieden in het AZC Harderwijk, omdat de maatregel geen plaatsingsbesluit van het COa betreft maar een door de minister gefaciliteerde locatie betreft.
Het verzoek werd daarom afgewezen, en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening om verblijf in het AZC Harderwijk te mogen voortzetten is afgewezen.