Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 maart 2025 in de zaak tussen
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft een naturalisatieverzoek ingediend dat is afgewezen vanwege een opgelegde taakstraf en het daarmee samenhangende gevaar voor de openbare orde. De minister hanteert een beleid waarbij taakstraffen van 36 uur of meer, ongeacht of deze voorwaardelijk zijn, leiden tot een afwijzing zolang de rehabilitatietermijn niet is verstreken.
Eiser betoogt dat het beleid onrechtvaardig is omdat het geen onderscheid maakt tussen voorwaardelijke en onvoorwaardelijke taakstraffen en dat zijn straf onterecht langer meetelt als gevaar voor de openbare orde. Ook stelt hij dat de strafrechter verzachtende omstandigheden onvoldoende heeft meegewogen en dat een boete passend zou zijn geweest.
De rechtbank oordeelt dat het beleid van de minister rechtmatig is en dat het onderscheid tussen voorwaardelijke en onvoorwaardelijke taakstraffen niet onredelijk is. De strafrechter heeft de omstandigheden meegewogen en het is niet aan de rechtbank of minister om dit te heroverwegen. De door eiser aangevoerde bijzondere omstandigheden zijn onvoldoende om het beleid te doorbreken.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om naturalisatie blijft afgewezen. Eiser krijgt geen griffierecht of proceskosten vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het naturalisatieverzoek wordt ongegrond verklaard.