Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Sri Lankaans staatsburger, diende op 15 januari 2025 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Uit Eurodac-gegevens bleek dat eiser op 20 oktober 2023 illegaal via Frankrijk de EU binnenkwam en daar op 24 oktober 2023 asiel aanvroeg.
Eiser voerde in beroep aan dat hij in Frankrijk ernstige dreigingen en mishandeling door zijn zwager ondervindt, waardoor terugkeer onhoudbaar is. Hij stelde medische stukken te zullen overleggen ter onderbouwing. De rechtbank stelde vast dat Frankrijk verantwoordelijk is en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt. Eiser maakte niet aannemelijk dat hij bij terugkeer een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro of artikel 4 Handvest Pro.
Ook werden geen bijzondere individuele omstandigheden vastgesteld die overdracht aan Frankrijk onevenredige hardheid zouden opleveren. Eiser had geen aangifte gedaan of klachten ingediend bij Franse autoriteiten. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de aanvraag niet in behandeling nam en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.