ECLI:NL:RBDHA:2025:4071
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser, met de Nigeriaanse nationaliteit, heeft een asielaanvraag ingediend die niet in behandeling is genomen omdat Frankrijk volgens het Dublinstelsel verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiser stelt persoonlijke problemen en discriminatie in Frankrijk te hebben ervaren en betoogt dat de minister onzorgvuldig heeft gehandeld door onvoldoende onderzoek te doen en hem niet nader te horen.
De rechtbank oordeelt dat de algemene stellingen van eiser onvoldoende zijn om het beroep ontvankelijk te verklaren. De minister heeft adequaat gereageerd op de zienswijze en er is geen wettelijke verplichting om eiser nader te horen. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat aanvullend onderzoek noodzakelijk was of dat de discretionaire bevoegdheid van artikel 17 Dublinverordening Pro had moeten worden toegepast.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit zorgvuldig tot stand is gekomen en verklaart het beroep kennelijk ongegrond. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.