Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Afghaanse nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) op basis van een pleegsituatie binnen het gezin van referente. De minister wees de aanvraag af omdat de familierechtelijke relatie met de biologische ouders niet aannemelijk was gemaakt en er geen officiële pleegouderrelatie bestond.
Eiser voerde aan dat DNA-onderzoek had moeten worden aangeboden en dat er sprake was van een beschermenswaardig gezinsleven met referente en haar kinderen. De rechtbank oordeelde dat DNA-onderzoek niets zou toevoegen en dat er geen officiële of feitelijke pleegsituatie bestond die een beschermenswaardig gezinsleven rechtvaardigde.
Het jongvolwassenenbeleid was niet van toepassing omdat eiser zelfstandig kon voorzien in zijn levensonderhoud en zich had losgemaakt van het gezin. De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond was en dat de minister geen mvv hoefde te verstrekken.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard en de minister hoeft geen machtiging tot voorlopig verblijf te verstrekken.