ECLI:NL:RBDHA:2025:3514
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanvullende schadevergoeding kinderopvangtoeslag en inkomensschade partner
Eiseres, gedupeerde van de toeslagenaffaire, vordert een hogere schadevergoeding dan toegekend voor materiële en immateriële schade. De rechtbank beoordeelt het beroep tegen de besluiten van de Dienst Toeslagen over aanvullende vergoeding.
De Commissie Werkelijke Schade (CWS) adviseerde een aanvullende vergoeding, maar concludeerde dat er geen causaal verband is tussen de problemen met de kinderopvangtoeslag en de gezondheidsklachten en beëindiging van ondernemingen van de partner van eiseres. De rechtbank onderschrijft dit oordeel en wijst het beroep af.
Ook het beroep op bewijsnood en schending van het recht op een eerlijk proces wordt verworpen. De rechtbank oordeelt dat het schadekader correct is toegepast en dat de immateriële schadevergoeding adequaat is vastgesteld. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht wordt vergoed.
De uitspraak bevestigt dat de reeds toegekende vergoeding van € 23.148 inclusief immateriële schade passend is en dat geen hogere vergoeding wordt toegekend.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de reeds toegekende schadevergoeding blijft ongewijzigd.