ECLI:NL:RBDHA:2025:3408
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond: minister moet nieuw besluit nemen over asielaanvraag Somalische nationaliteit
Eiser, die Somalische nationaliteit stelt te bezitten, diende een asielaanvraag in die door de minister werd afgewezen op grond van een als authentiek bevonden Keniaans paspoort. De rechtbank beoordeelde het beroep en oordeelde dat eiser voldoende inspanningen had verricht om de echtheid van het Keniaanse paspoort te betwisten, onder meer door herhaaldelijk contact te zoeken met de Keniaanse ambassade zonder respons.
Daarnaast heeft eiser ook pogingen gedaan om zijn Somalische nationaliteit aan te tonen door het overleggen van Somalische paspoorten en correspondentie met de Somalische ambassade. De minister had onvoldoende rekening gehouden met deze inspanningen en mocht daarom niet uitgaan van de Keniaanse nationaliteit.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat de minister binnen acht weken een nieuw besluit moet nemen waarbij alle stukken worden betrokken. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen, en de vrijheidsontnemende maatregel werd opgeheven. De minister werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de minister wordt vernietigd; de minister moet binnen acht weken een nieuw besluit nemen.