Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Het verloop van de procedure
Overwegingen
Beslissing
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Betrokkene kreeg een verkeersboete van €389 opgelegd wegens het vasthouden van een telefoon tijdens het rijden. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kern van het bezwaar was dat de officier van justitie de hoorplicht zou hebben geschonden door een beslissing te nemen zonder de geplande hoorzitting af te wachten. De gemachtigde van betrokkene stelde dat dit een procedurefout was die de belangen van betrokkene schaadde.
De rechtbank oordeelde echter dat hoewel de hoorplicht formeel was geschonden, betrokkene hierdoor niet in zijn verdediging was benadeeld. De gemachtigde had immers voldoende gelegenheid gehad om schriftelijk aanvullingen te geven. De ingebrekestelling leidde tot een tijdige beslissing, zonder vertraging of nalatigheid.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, het verzoek tot matiging van de boete afgewezen en ook het verzoek om proceskostenvergoeding werd geweigerd. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter F.X. Cozijn op 15 januari 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot matiging en proceskostenvergoeding wordt afgewezen.