Uitspraak
[eiser] , eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Den Haag
Eisers, een gezin met een dochtertje, vroegen op 29 september 2024 in Nederland asiel aan. Verweerder nam de aanvragen niet in behandeling omdat Frankrijk verantwoordelijk werd geacht op grond van de Dublinverordening. Frankrijk had eerder visa verleend en het claimverzoek was geaccepteerd. Eisers werden overgedragen aan Frankrijk, maar keerden terug naar Nederland en vroegen opnieuw asiel aan.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Frankrijk, ondersteund door jurisprudentie en het AIDA-rapport 2024. Eisers hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Frankrijk hun internationale verplichtingen schendt of dat zij bijzonder kwetsbaar zijn in de zin van arrest Tarakhel.
De stelling van eisers dat zij geen opvang kregen in Frankrijk is onvoldoende onderbouwd met persoonlijke stukken. Daarom hoeven geen aanvullende garanties aan Frankrijk te worden gevraagd. De beroepen worden ongegrond verklaard en het niet in behandeling nemen van de aanvragen blijft in stand. Verzoeken om voorlopige voorzieningen worden afgewezen en er is geen proceskostenvergoeding toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvragen wordt ongegrond verklaard en de aanvragen blijven niet in behandeling.