ECLI:NL:RBDHA:2025:27189
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens ontbreken meer dan normale afhankelijkheid tussen meerderjarige zussen
Eiseressen, twee zussen met de Nigeriaanse nationaliteit, vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan om bij hun broer, de referent, in Nederland te mogen verblijven. De minister wees de aanvraag af vanwege twijfels over de familierelatie en het ontbreken van een meer dan normale afhankelijkheidsrelatie zoals vereist onder artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank behandelde het beroep en concludeerde dat, ook als de familierelatie wordt aangenomen, eiseressen niet voldoen aan de criteria voor een verblijfsvergunning op grond van het recht op familieleven. De zussen wonen nog bij hun ouders en andere familieleden in Nigeria, er is geen structurele financiële afhankelijkheid, en er is geen medische noodzaak of bijzondere emotionele afhankelijkheid aangetoond.
De rechtbank erkent het emotionele belang voor de referent, maar stelt dat dit onvoldoende is om een meer dan normale afhankelijkheid aan te nemen. Daarom blijft de afwijzing van de mvv-aanvraag in stand en wordt het beroep ongegrond verklaard. Eiseressen krijgen geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van een meer dan normale afhankelijkheidsrelatie.