De moeder verzocht de rechtbank om wijziging van de zorgregeling voor hun minderjarige kind, waarbij zij wilde dat het kind voortaan om de week van vrijdag uit school tot maandagochtend bij de vader zou verblijven. De ouders oefenden gezamenlijk gezag uit en waren eerder al gescheiden, waarbij de hoofdverblijfplaats bij de moeder was vastgesteld.
Tijdens de zitting op 25 november 2025 bereikten de ouders overeenstemming over de nieuwe zorgregeling. Zij stemden ermee in dat het contactmoment op woensdag komt te vervallen en dat de vader het kind op vrijdag uit school ophaalt en op maandagochtend naar school brengt. Tevens spraken zij af dat, indien de reisafstand te belastend blijkt, de verblijfsperiode wordt ingekort tot zondagavond 19.00 uur.
De rechtbank oordeelde dat de Nederlandse rechter bevoegd was en dat de wijziging niet in strijd was met het belang van het kind. De vakanties en feestdagenregeling uit de beschikking van 8 december 2022 blijft ongewijzigd. De proceskosten worden door elke partij zelf gedragen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.