ECLI:NL:RBDHA:2025:26878
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens ontbreken spoedeisend belang bij arbeidsconflict militair
Verzoeker, militair sinds 1996, is sinds 2014 betrokken bij een arbeidsconflict met Defensie, waarbij zijn wapenverlof ten onrechte werd ingetrokken. Na diverse pogingen tot herstel van zijn functie, werd hem in augustus 2025 een keuze geboden tussen twee functies. Omdat hij niet koos, werd hem een functie toegewezen waarop hij niet verscheen vanwege een sociaal onveilige werkomgeving. Dit leidde tot een besluit van 13 november 2025 dat hij geen aanspraak heeft op inkomsten wegens onttrekking aan dienstverplichtingen.
Verzoeker stelde bezwaar tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, stellende dat zijn bestaanszekerheid in gevaar is en dat het besluit onrechtmatig is omdat zijn medische inzetbaarheid niet was vastgesteld. De voorzieningenrechter overwoog dat bij financiële geschillen spoedeisend belang slechts snel wordt aangenomen bij onomkeerbare situaties of acute financiële nood, wat hier niet het geval was.
Verweerder stelde dat de ongeoorloofde afwezigheid eindigde op 13 november 2025 toen verzoeker zich ziek meldde en de bedrijfsarts op 20 november 2025 zijn ziekte vaststelde. Hierdoor was het verlies aan inkomsten beperkt tot de periode 16 oktober tot 13 november 2025. Verzoeker betwistte deze stellingen niet. De voorzieningenrechter concludeerde dat spoedeisend belang ontbrak en wees het verzoek af zonder zitting.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.