ECLI:NL:RBDHA:2025:26876
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking APK-keuringsbevoegdheid wegens overschrijding cusumstand
Verzoekster, een erkend APK-keuringsbedrijf, kreeg op 31 oktober 2024 de keuringsbevoegdheid voor voertuigen tot 3500 kg voor zes weken ingetrokken vanwege overschrijding van de maximale cusumstand van 10 punten na een steekproefherkeuring waarbij een gebroken onderdeel werd geconstateerd.
Tegen dit besluit werd bezwaar gemaakt, dat door verweerder ongegrond werd verklaard. Verzoekster stelde beroep in en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. Verweerder schortte de werking van het bestreden besluit op totdat uitspraak werd gedaan.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster onvoldoende spoedeisend belang had, omdat het besluit slechts een korte periode betreft, geen acute financiële nood is aangetoond, en er voldoende alternatieven in de omgeving zijn voor APK-keuringen. Ook was het beleid omtrent de intrekking duidelijk en gunstig voor verzoekster.
Daarnaast was het besluit niet evident onrechtmatig; de verklaring van de steekproefcontroleur heeft sterke bewijskracht en de door verzoekster overgelegde afbeelding bood onvoldoende grond om dit te betwijfelen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen zonder griffierechtvergoeding.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de APK-keuringsbevoegdheid wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en evident onrechtmatig besluit.