ECLI:NL:RBDHA:2025:26873
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen gedeeltelijke openbaarmaking documenten op grond van de Wet open overheid
In deze bestuursrechtelijke zaak verzoekt [bedrijf 1] B.V. om een voorlopige voorziening tegen de gedeeltelijke openbaarmaking van documenten door het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland op grond van de Wet open overheid (Woo).
De zaak betreft een Woo-verzoek uit 2016 over milieuvergunningen van een ander bedrijf, waarbij verweerder in 2018 besloot tot gedeeltelijke openbaarmaking. Na bezwaar en een vertrouwelijkheidsbesluit in 2021 nam verweerder in juli 2025 een herstelbesluit over de openbaarmaking. Verzoekster handhaaft haar bezwaar en vraagt schorsing van openbaarmaking.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekster een spoedeisend belang heeft omdat openbaarmaking onomkeerbaar is. Verweerder verzet zich niet tegen toewijzing en de Woo-verzoeker heeft geen behoefte meer aan de documenten. Daarom wordt het herstelbesluit geschorst tot twee weken na de beslissing op bezwaar.
Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekster. De uitspraak is zonder zitting gedaan en bindt niet in een bodemprocedure.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en het herstelbesluit geschorst tot twee weken na de beslissing op bezwaar.