De grootouders van vaderszijde hebben een verzoek ingediend voor een omgangsregeling met hun kleinkind, waarbij zij eenmaal per vier weken op zaterdag of zondag contact wilden hebben, met specifieke tijden en afspraken over het halen en brengen. Tevens verzochten zij dat de moeder hen maandelijks zou informeren over belangrijke ontwikkelingen van de minderjarige.
Tijdens de zitting is besproken dat de grootouders hun verzoeken niet handhaven indien zij contact kunnen hebben met de minderjarige tijdens de zorgtijd van de vader. In een andere procedure is inmiddels een zorgregeling tussen de vader en de minderjarige vastgesteld, waarbij wordt toegewerkt naar een weekendregeling.
De rechtbank overweegt dat het aan de vader is om invulling te geven aan zijn tijd met de minderjarige, ook indien de grootouders hierbij aanwezig zijn. Gezien deze situatie beschouwt de rechtbank het verzoek van de grootouders als ingetrokken en stelt zij vast dat er niets meer te beslissen valt.
De beschikking is uitgesproken op 16 december 2025 door de kinderrechter C.L. Strop, bijgestaan door griffier A.I. Knops.