Op 11 december 2025 heeft de kinderrechter van de Rechtbank Den Haag een beschikking gegeven in de zaak van Stichting Jeugdbescherming West Haaglanden betreffende een minderjarige, geboren in 2012. De kinderrechter verleent een machtiging om de minderjarige uit huis te plaatsen in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de duur van drie maanden, met ingang van 15 december 2025. Deze beslissing volgt op een eerdere beschikking van 15 september 2025, waarin al een machtiging was verleend voor een periode van drie maanden, die op 15 december 2025 afloopt. De kinderrechter heeft de ontwikkeling van de minderjarige beoordeeld, waarbij is vastgesteld dat zij positieve stappen heeft gezet, maar ook dat er zorgen zijn over haar gedrag en welzijn. De kinderrechter concludeert dat jeugdhulp noodzakelijk is vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de minderjarige belemmeren. De kinderrechter heeft vastgesteld dat er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn om deze problemen aan te pakken en dat een verblijf in een gesloten accommodatie noodzakelijk is om te voorkomen dat de minderjarige zich onttrekt aan de benodigde jeugdhulp. De beschikking is openbaar uitgesproken en er is een mogelijkheid tot hoger beroep.