De rechtbank Den Haag heeft op 10 december 2025 een beschikking gegeven inzake een verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling en gezamenlijk gezag over een minderjarige geboren in 2017. De ouders zijn het eens over een omgangsregeling waarbij het kind om de twee weken van vrijdag 18.00 uur tot zondag 18.00 uur bij de vader verblijft, waarbij de vader verantwoordelijk is voor het halen en brengen. De regeling omvat ook een verdeling van kerstdagen, oud en nieuw, studiedagen, meivakantie en een gezamenlijke verdeling van de zomervakantie in onderling overleg.
De rechtbank oordeelt dat het in het belang van het kind is dat het de kerstdagen en oud en nieuw met beide ouders kan doorbrengen, en legt een regeling vast waarbij het kind op tweede kerstdag vanaf 10.00 uur bij de vader is en oud en nieuw om en om wordt gevierd. De zomervakantie wordt verdeeld met het uitgangspunt dat beide ouders ten minste twee aaneengesloten weken met het kind op vakantie kunnen.
De moeder blijft voorlopig verantwoordelijk voor het informeren van de vader over gewichtige aangelegenheden omtrent het kind, zoals medische en schoolzaken, met een maandelijkse informatieregeling. De rechtbank houdt de beslissing over het gezamenlijk gezag aan en verwijst de ouders naar een traject ouderschapsbemiddeling om de communicatie en samenwerking te verbeteren. De rechtbank verwacht een rapportage van de bemiddeling alvorens een definitieve beslissing over het gezag te nemen.