ECLI:NL:RBDHA:2025:25941
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening asielaanvraag
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag op 2 december 2025 uitspraak gedaan over een verzoek om een voorlopige voorziening in het kader van een asielaanvraag. De verzoeker, vertegenwoordigd door mr. J.E. Groenenberg, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar deze was door de minister van Asiel en Migratie op 29 augustus 2025 niet-ontvankelijk verklaard. Hiertegen had de verzoeker beroep ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening. Tijdens de zitting op 2 december 2025 was de verzoeker niet aanwezig, maar de minister was vertegenwoordigd door zijn gemachtigde, mr. M.L.A. Berkelmans.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld samen met een andere zaak (NL25.41948) en heeft na de zitting onmiddellijk uitspraak gedaan. De voorzieningenrechter heeft het verzoek afgewezen, omdat de rechtbank in de andere zaak al uitspraak had gedaan op het beroep, waardoor een voorlopige voorziening niet meer nodig was. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gemaakt op 17 december 2025 en er staat geen hoger beroep of verzet open tegen deze uitspraak.