De rechtbank Den Haag heeft op 4 december 2025 uitspraak gedaan in een echtscheidingszaak tussen een man en een vrouw, gehuwd sinds 1993. Beide partijen hebben verzoeken ingediend voor partneralimentatie, die door de rechtbank zijn afgewezen vanwege onvoldoende inzicht in inkomen en draagkracht. De rechtbank heeft de echtscheiding uitgesproken op grond van duurzame ontwrichting van het huwelijk.
Met betrekking tot de verdeling van de huwelijksgemeenschap heeft de rechtbank vastgesteld dat de echtelijke woning aan de man wordt toegedeeld onder strikte voorwaarden, waaronder een taxatie door een onafhankelijke makelaar en een termijn van drie maanden voor de man om financiering te regelen. Indien de man niet kan overnemen, wordt de woning verkocht en de overwaarde verdeeld. De Toyota Auris wordt aan de vrouw toegewezen.
Het verzoek van de man tot voortgezet gebruik van de woning voor twaalf maanden is afgewezen, omdat de wet dit niet toestaat en de man al meer dan een jaar in de woning verblijft. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten. De rechtbank heeft tevens het verzoek van de vrouw tot inzage in de financiële administratie afgewezen, omdat partijen afspraken hebben gemaakt over de Vof en schulden.
De uitspraak bevat gedetailleerde voorwaarden voor de taxatie, overname, verkoop en verdeling van de woning, waarbij de belangen van beide partijen zijn meegewogen. De rechtbank heeft de rechtsmacht en toepasselijkheid van Nederlands recht bevestigd voor zowel de echtscheiding als de vermogensverdeling.