Eiser heeft beroep ingesteld tegen de verlenging van een huisverbod dat door de burgemeester van een gemeente is opgelegd vanwege een incident waarbij zijn ex-partner en hun jonge dochter betrokken waren. Het huisverbod was oorspronkelijk opgelegd voor tien dagen en vervolgens verlengd tot vier weken.
De rechtbank stelt vast dat eiser weliswaar niet in de woning woont, maar regelmatig aanwezig is om zijn dochter te zien en de woning op te knappen. De rechtbank gaat ervan uit dat het oorspronkelijke huisverbod terecht is opgelegd. De vraag is of de verlenging daarvan redelijk is geweest.
De rechtbank oordeelt dat de verlenging gerechtvaardigd is omdat er nog geen adequate veiligheidsafspraken zijn gemaakt, ondanks dat er een begin is gemaakt met hulpverlening. De aanwezigheid van een jong kind dat getuige was van het incident maakt de situatie extra gevoelig.
Hoewel het contactverbod het contact tussen eiser en zijn dochter volledig onderbreekt, vindt de rechtbank dit niet disproportioneel gezien de veiligheid en het belang van passende hulpverlening. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Er worden geen kosten aan partijen opgelegd en er is mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.