Uitspraak
Vervangende toestemming erkenning, omgangsregeling, gezag, informatieregeling
Beschikking op het op 11 november 2024 ingekomen verzoek van:
[de man] ,
[de moeder] ,
[de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2017 te [geboorteplaats 1] ,
Procedure
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- het verslag van de bijzondere curator;
- het verweerschrift van de moeder, met bijlagen;
- de brief van [geboortedatum 4] 2025 van de man;
- de brief van 24 februari 2025 van de vrouw.
- de man met zijn advocaat;
- de moeder met haar advocaat;
- de bijzondere curator;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad).
Verzoek en verweer
- hem vervangende toestemming als bedoeld in artikel 1:204 lid 3 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) te verlenen, zodat hij de minderjarige kan erkennen;
- hem te belasten met het ouderlijk gezag over de kinderen, zodat voortaan de ouders gezamenlijk het gezag over de kinderen toekomt;
- te bepalen dat de man omgang zal hebben met de kinderen:
Feiten
- Partijen hebben een affectieve relatie gehad.
- De minderjarigen zijn niet erkend.
- De moeder heeft van rechtswege het eenhoofdig gezag over de minderjarigen.
- De moeder geeft geen toestemming voor de erkenning door de man.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 3 december 2024 is
- Bij beschikking van deze rechtbank van 5 februari 2025 zijn op grond van artikel 223 Rv Pro voorlopige voorzieningen getroffen waarbij is bepaald dat:
Beoordeling
1 mei 2026. De rechtbank overweegt dat indien de man aan het hiervoor bepaalde niet voldoet de zaak met toepassing van artikel 22 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zal worden afgedaan.
Beslissing
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2017 te [geboorteplaats 1] ;
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2021 te [geboorteplaats 1] ;
- vanaf heden: iedere zondag van 13.00 uur tot 18.00 uur, waarbij de moeder de kinderen naar de man brengt om 13.00 uur en hen bij de man ophaalt om 18.00 uur;
- vanaf 1 januari 2026: iedere dinsdag van 16.30 uur tot 18.30 uur en eenmaal per twee weken in het weekend van vrijdag 16.30 uur tot zondag 15.00 uur, waarbij vanaf dit moment de moeder de kinderen naar de man brengt en de man de kinderen terugbrengt naar de moeder;
1 mei 2026 pro forma;