ECLI:NL:RBDHA:2025:25724
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlening aansluitende zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg
De rechtbank Den Haag behandelde op 23 december 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een aansluitende zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan schizofrenie en ernstig nadeel ondervindt door zijn psychische stoornis.
Uit de medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur blijkt dat betrokkene zonder verplichte zorg ernstige lichamelijke en psychische schade, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor zichzelf en anderen ondervindt. Vrijwillige zorg is niet mogelijk vanwege het ontbreken van ziekte-inzicht. De rechtbank acht de voorgestelde vormen van verplichte zorg noodzakelijk, evenredig en effectief.
De advocaat van betrokkene voerde aan dat de gevraagde duur van 24 maanden niet toewijsbaar is omdat er geen aaneengesloten periode van vijf jaar verplichte zorg is geweest. De rechtbank volgt dit standpunt en wijst het verzoek tot verlenging van 24 maanden af vanwege een onderbreking tussen 22 en 26 januari 2022.
De rechtbank verleent daarom een zorgmachtiging voor de duur van twaalf maanden, tot en met 23 december 2026, met de voorgeschreven zorgmaatregelen. Het verzoek voor een langere duur wordt afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank verleent een aansluitende zorgmachtiging voor twaalf maanden en wijst het verzoek tot verlenging van 24 maanden af vanwege een onderbreking in de verplichte zorgperiode.