ECLI:NL:RBDHA:2025:25413

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
4 november 2025
Publicatiedatum
29 december 2025
Zaaknummer
NL25.28469
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na niet-ontvankelijkverklaring verblijfsvergunningaanvraag

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag op 23 juni 2025 in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank.

De voorzieningenrechter behandelde op 6 oktober 2025 het verzoek om een voorlopige voorziening, waarbij ook de behandeling van het beroep plaatsvond. Tijdens deze zitting waren verzoeker, een waarnemer van zijn gemachtigde, een tolk en de gemachtigde van de minister aanwezig.

De voorzieningenrechter oordeelde dat nu de rechtbank op 4 november 2025 uitspraak heeft gedaan op het beroep, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter O. Veldman en griffier B.J. van Rossum, en er is geen hoger beroep of verzet mogelijk tegen deze beslissing.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank inmiddels uitspraak heeft gedaan op het beroep.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.28469
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], V-nummer: [V-nummer], verzoeker (gemachtigde: mr. C.T.W. van Dijk),
en

de Minister van Asiel en Migratie, verweerder (gemachtigde: S. Kuster).

Procesverloop

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 23 juni 2025 deze aanvraag in de algemene procedure niet-onvankelijk verklaard. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van het beroep, zaaknummer NL25.28468, op 6 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, mr. M.E. Buijysse als waarnemer van de gemachtigde van verzoeker, A. Diaby als tolk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.28468, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. O. Veldman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. B.J. van Rossum, griffier.
zaaknummer: NL25.28469 2
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
04 november 2025

Documentcode: [Documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.