ECLI:NL:RBDHA:2025:25313

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
26 november 2025
Publicatiedatum
27 december 2025
Zaaknummer
C/09/694919 / FA RK 25-8775
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling in het kader van de Wet zorg en dwang

Op 26 november 2025 heeft de Rechtbank Den Haag een beschikking gegeven in een zaak betreffende de voortzetting van de inbewaringstelling van een cliënt, geboren in 1935, die momenteel verblijft in een zorgaccommodatie. Het verzoek tot voortzetting van de inbewaringstelling werd ingediend door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) op 21 november 2025, naar aanleiding van zorgen over de veiligheid van de cliënt en anderen. De rechtbank heeft vastgesteld dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, veroorzaakt door een psychogeriatrische aandoening, namelijk de ziekte van Alzheimer. De cliënt heeft in het verleden gedwaald en vormt een gevaar voor zichzelf en anderen, vooral in het verkeer. De zoon van de cliënt is overbelast geraakt door de zorg en zelfstandig wonen is niet meer mogelijk. De rechtbank heeft geconcludeerd dat de voortzetting van de inbewaringstelling noodzakelijk is om het ernstig nadeel te voorkomen. De machtiging is verleend voor de duur van zes weken, tot en met 7 januari 2026.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/694919 / FA RK 25-8775
Datum beschikking: 26 november 2025

Machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling

Beschikkingnaar aanleiding van het op 21 november 2025 door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling als bedoeld in artikel 37 van de Wet zorg en dwang (Wzd), ten aanzien van:
[naam 1] ,
hierna te noemen: cliënt,
geboren op [geboortedatum] 1935 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in de accommodatie [accommodatie] ,
advocaat: mr. A. Alam-Khan te Delft.

Procesverloop

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 21 november 2025.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- de beschikking tot inbewaringstelling van de burgemeester van de gemeente Leiderdorp van 20 november 2025;
- de op 20 november 2025 ondertekende medische verklaring van een ter zake kundige arts, J.P.J. van Duijn, die cliënt met het oog op de machtiging kort tevoren heeft onderzocht, maar niet bij haar behandeling betrokken was;
- een indicatiebesluit op grond van artikel 3.2.3 van de Wet langdurige zorg van 22 november 2023.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 26 november 2025. Daarbij zijn de volgende personen gehoord:
- cliënt, bijgestaan door haar advocaat;
- de arts, mevrouw [naam 2] ;
- de zoon van cliënt.

Standpunten ter zitting

Door en namens cliënt is ter zitting naar voren gebracht dat zij het geweldig vindt binnen de accommodatie, maar dat zij haar familie mist en graag wil terugkeren naar haar zoon. Cliënt heeft daarbij aangegeven dat haar zoon niet voortdurend op haar kan letten, omdat hij ook moet werken. De advocaat refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.
De arts heeft ter zitting verklaard dat cliënt in de thuissituatie ging dwalen. Tijdens de huidige opname is sprake van verbaal verzet, waarbij cliënt roept dat zij naar huis wil. Mogelijk zal dit verzet in de komende weken afnemen, maar daarover kan op dit moment geen definitieve uitspraak worden gedaan. Daarnaast is cliënt recent aan haar heup geopereerd, waardoor de huidige zorg te meer noodzakelijk is. De huidige accommodatie betreft een tijdelijke crisisplek. In overleg met de familie wordt gekeken naar een passende vervolgplek.

Beoordeling

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel waardoor een rechterlijke machtiging niet kan worden afgewacht. Het ernstig vermoeden bestaat dat het gedrag van cliënt als gevolg van een psychogeriatrische aandoening, te weten de ziekte van Alzheimer, dit ernstig nadeel veroorzaakt.
Het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
In het recente verleden dwaalde cliënt veel in de thuissituatie. Buurtbewoners schakelden regelmatig de hulpdiensten in, omdat zij zich ernstige zorgen maakten. Cliënt vormde namelijk een gevaar voor zichzelf en anderen in het verkeer. Cliënt heeft de afgelopen drie maanden bij haar zoon gewoond, omdat zelfstandig thuis wonen niet meer mogelijk was. De zoon is door de intensieve zorg inmiddels overbelast geraakt. Cliënt kan feitelijk niet alleen zijn. Zij heeft recent haar heup gebroken, kan niet zelfstandig lopen en heeft geen ziekte-inzicht hierover. Daarnaast is cliënt incontinent voor urine en ontlasting, weigert hulp bij de ADL-zorg en reageert agressief richting haar zoon en de zorg. Ook haar medicatie weigert zij geregeld.
Om het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel te voorkomen dan wel af te wenden is
voortzetting van de inbewaringstelling noodzakelijk. Dit middel is ook geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen dan wel af te wenden en er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Gebleken is dat cliënt zich verzet tegen de voortzetting van het verblijf in een accommodatie. Ter zitting is naar voren gekomen dat cliënt de accommodatie wil verlaten en wil terugkeren naar de woning van haar zoon, terwijl dat geen optie meer is.
Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat is voldaan aan de criteria voor een voortzetting van de inbewaringstelling. De machtiging zal worden verleend voor de duur van zes weken.

Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling ten aanzien van:
[naam 1] ,
geboren op [geboortedatum] 1935 te [geboorteplaats] ,
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 7 januari 2026.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.J. Hoekstra-van Vliet, rechter, bijgestaan door L. Batenburg als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 26 november 2025