ECLI:NL:RBDHA:2025:2487

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 februari 2025
Publicatiedatum
20 februari 2025
Zaaknummer
NL24.42004
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • B.F.Th. de Roos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na uitspraak op beroep

In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de minister van Asiel en Migratie het asielverzoek van verzoeker op 21 oktober 2024 kennelijk ongegrond verklaard. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, locatie Middelburg.

Verzoeker heeft daarnaast een voorlopige voorziening gevraagd om het bestreden besluit tijdelijk te schorsen. De voorzieningenrechter heeft dit verzoek beoordeeld zonder zitting, conform artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

De voorzieningenrechter overweegt dat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.42003). Hierdoor is een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk en wijst de voorzieningenrechter het verzoek af. Tevens wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter B.F.Th. de Roos en is onherroepelijk omdat tegen deze beslissing geen hoger beroep of verzet openstaat.

Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.42004

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker,

V-nummer: [V-nummer],
(gemachtigde: mr. J.E. de Poorte),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 21 oktober 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker kennelijk ongegrond verklaard.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.42003, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan op 19 februari 2025 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Mohandes, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.