In deze zaak heeft eiseres, een B.V. gevestigd in [vestigingsplaats], beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college van burgemeester en wethouders van Noordwijk op haar aanvraag om een omgevingsvergunning, ingediend op 12 maart 2023. De rechtbank heeft eerder, op 16 juli 2025, geoordeeld dat het college niet tijdig heeft beslist en het college opgedragen om binnen 8 weken alsnog een besluit te nemen, met een dwangsom van € 100,- per dag, tot een maximum van € 15.000,-. Eiseres heeft op 15 september 2025 een opvolgend beroep ingesteld, omdat het college opnieuw niet tijdig heeft beslist.
De rechtbank heeft in deze uitspraak vastgesteld dat de beslistermijn, zoals opgelegd in de eerdere uitspraak, is overschreden. De rechtbank heeft besloten dat het college binnen drie weken na 16 december 2025, dus uiterlijk op 6 januari 2026, alsnog een besluit moet nemen. Tevens is bepaald dat het college een dwangsom van € 250,- per dag moet betalen voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden, met een maximum van € 37.500,-, zodra de eerder opgelegde dwangsom het maximale bedrag heeft bereikt.
De rechtbank heeft ook de proceskosten van eiseres vastgesteld op € 453,50, en het college is veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht van € 385,-. De uitspraak is gedaan door mr. R.H. Smits, rechter, en is openbaar uitgesproken op 12 december 2025.