ECLI:NL:RBDHA:2025:24155

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
17 december 2025
Publicatiedatum
17 december 2025
Zaaknummer
NL25.41256
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel

Verzoeker heeft een opvolgende aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag bij besluit van 21 augustus 2025 in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 7 november 2025 behandeld. De gemachtigde van de minister was hierbij aanwezig. Het onderzoek werd op 9 december 2025 gesloten. Op 17 december 2025 heeft de rechtbank uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL25.41255).

Omdat de hoofdzaak is afgerond, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst het verzoek af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.41256

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoeker,

V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. H. Loth),
en

de minister van Asiel en Migratie,

(gemachtigde: mr. O. Sari).

Procesverloop

1. Verzoeker heeft een opvolgende aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 21 augustus 2025 deze aanvraag in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
1.1.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van het beroep, op 7 november 2025 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van de minister deelgenomen. De rechtbank heeft het onderzoek op 9 december 2025 gesloten.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.41255, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2.1.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J. Dijkstra, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.