Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.[verweersters sub 1] GmbH,
[verweersters sub 2] GmbH,
[verweersters sub 3] BV,
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het verweer
5.De beoordeling
“Zodra de Nederlandse BV “[verweersters sub 3]” is opgericht en in het handelsregister is ingeschreven, wordt deze overeenkomst omgezet naar de Nederlandse BV”. Dat betekent volgens [verweersters] dat [verzoeker] vanaf de inschrijving bij de KvK (29 augustus 2024) bij [verweersters sub 3] in dienst is.
‘Vorschluss Lohn’. De kantonrechter is van oordeel dat dit onvoldoende is om hieruit de juistheid van de stelling van [verweersters] af te leiden. Het gaat hier om deelbetalingen van het stelselmatig te laat betaalde salaris (zie onder 5.19) en niet is gebleken dat partijen concrete afspraken hebben gemaakt over indiensttreding bij en het verstrekken van leningen aan [verweersters sub 3]. De kantonrechter gaat er dan ook vanuit dat het dienstverband met [verweersters sub 1] GmbH is blijven voortbestaan. Het feit dat [verzoeker] statutair directeur werd van [verweersters sub 3] maakt dat niet anders. Het zijn van statutair directeur van een dochtervennootschap staat op zichzelf immers niet aan het bestaan van een arbeidsovereenkomst in de weg.
‘im Falle der erfolgreichen Vermietlung von Abbruchaufträgen während der Rückbaumaꟗnahme’. Partijen zijn het erover eens dat hij op grond daarvan aanspraak heeft over provisie over projecten in Chili en Bergen op Zoom. Het daarover berekende bedrag van € 976,25 bruto is daarom toewijsbaar. De verzochte wettelijke verhoging zal worden gematigd tot 20%.
‘erfolgreichen Vermietlung’. Vaststaat dat daarvan geen sprake is. De arbeidsovereenkomst biedt voor de verzochte bonus dan ook geen grondslag. Voor zover [verzoeker] zijn verzoek tevens baseert op schade door een tekortkoming aan de kant van [verweersters sub 1] GmbH heeft hij dat onvoldoende onderbouwd om voor toewijzing in aanmerking te komen. Dit bedrag wordt dus afgewezen.
€ 135,00