ECLI:NL:RBDHA:2025:24110

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
17 december 2025
Publicatiedatum
17 december 2025
Zaaknummer
NL25.39831
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:57 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij asielaanvraag minderjarige

Deze uitspraak betreft het beroep van een minderjarig kind tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 10 december 2023. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting, omdat partijen geen zitting wensten.

De rechtbank beoordeelde ambtshalve of het kind procesbelang heeft bij het tweede beroep. Gezien het feit dat het kind is opgenomen in de aanvraag van zijn moeder en geen zelfstandige aanvraag heeft ingediend, is er geen afzonderlijk besluit vereist. Bovendien heeft het tweede beroep dezelfde strekking als het eerste, waardoor het kind geen nieuw belang kan behalen.

Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.G.D. Overmars en openbaar gemaakt op 17 december 2025.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.39831

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. G. Ocak),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvraag van 10 december 2023.
1.1.
De rechtbank heeft partijen laten weten dat zij een zitting niet nodig vindt en heeft
gevraagd of partijen het daarmee eens zijn. Partijen hebben daarna niet om een zitting gevraagd. De rechtbank heeft het beroep daarom niet op zitting behandeld en sluit hierbij het onderzoek. [1]

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eiser (het minderjarige kind) procesbelang heeft bij een beoordeling van het door hem ingestelde tweede beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang. Eiser is opgenomen in de aanvraag van zijn moeder (NL25.39828) en heeft geen zelfstandige aanvraag gedaan waarop verweerder apart hoeft te beslissen. Eiser heeft tweemaal beroep ingesteld met dezelfde strekking, namelijk dat de minister niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag. Nu eiser met een tweede beroep niet meer kan bereiken dan hij met het eerste beroep heeft beoogd, heeft hij geen procesbelang bij het tweede beroep.

Conclusie en gevolgen

3. Het beroep is niet-ontvankelijk.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.

Voetnoten

1.Artikel 8:57, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)