ECLI:NL:RBDHA:2025:23836
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet tijdige betaling griffierecht
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het uitblijven van een beslissing op zijn aanvraag en bezwaar. Hij had beroep ingesteld wegens het niet beslissen binnen de wettelijke termijn. De voorzieningenrechter behandelt het verzoek zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is.
De kern van het oordeel is dat verzoeker het griffierecht van €194,- niet binnen de gestelde termijn heeft betaald. Verzoeker had verzocht om vrijstelling van het griffierecht op grond van betalingsonmacht, maar kon dit niet voldoende onderbouwen. De overgelegde financiële stukken boden onvoldoende inzicht in zijn actuele financiële situatie en voldeden niet aan de criteria voor vrijstelling.
De griffier heeft verzoeker meerdere malen in de gelegenheid gesteld het griffierecht alsnog te betalen, maar dit is niet gebeurd. Verzoeker gaf geen reden voor het niet tijdig betalen. Daarom verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk en beoordeelt het verzoek niet inhoudelijk. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht zonder verontschuldiging.