Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
3a: Nederland niet op de voorgeschreven wijze is binnengekomen, dan wel een poging daartoe heeft gedaan;
- 4a: zich niet aan een of meer andere voor hem geldende verplichtingen van hoofdstuk 4 heeft gehouden;
- 4b: geen vaste woon- of verblijfplaats heeft;
- 4c: niet beschikt over voldoende middelen van bestaan;
- 4d: verdachte is van enig misdrijf dan wel daarvoor is veroordeeld;
Boudjlida [6] heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie overwogen dat het recht op rechtsbijstand in artikel 13 van Pro de Terugkeerrichtlijn [7] slechts is voorzien na de vaststelling van een terugkeerbesluit en uitsluitend in het kader van een beroep dat tegen dat besluit is ingesteld. Op grond van artikel 13, vierde lid, moet in bepaalde omstandigheden op verzoek van de vreemdeling gratis rechtsbijstand worden verleend. Een illegaal verblijvende derdelander kan zich evenwel altijd op eigen kosten tot een raadsman wenden opdat deze hem bijstaat wanneer hij wordt gehoord, mits de uitoefening van dit recht het goede verloop van de terugkeerprocedure niet ondermijnt en de doeltreffende tenuitvoerlegging van de Terugkeerrichtlijn niet in gevaar brengt. Gelet hierop is eiser juist geïnformeerd dat hij zich op eigen kosten kan wenden tot een raadsman voor bijstand tijdens het gehoor.