ECLI:NL:RBDHA:2025:23795
Rechtbank Den Haag
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak diefstal en afpersing met geweld na seksdate in woning
Op 17 mei 2024 vond in de woning van de aangever in Den Haag een seksdate plaats tussen de aangever en een minderjarige medeverdachte. Verdachte was ter bescherming van de medeverdachte aanwezig en betrad later de woning met gezichtsbedekking. Verdachte en medeverdachte verlieten de woning met twee telefoons en een laptop van de aangever.
De tenlastelegging betrof diefstal met geweld en afpersing met geweld, waarbij de aangever zou zijn geslagen en bedreigd met een mes. De verdachte ontkende dit en stelde dat de aangever de goederen vrijwillig afstond om te voorkomen dat de politie werd ingeschakeld over de seksdate.
De rechtbank stelde vast dat de goederen niet bij verdachte of medeverdachte werden aangetroffen en dat het gedrag van de medeverdachte op camerabeelden niet strookte met het gebruik van geweld. Ook ontbrak bewijs voor het tonen of gebruik van een mes. Medische verklaringen en observaties van verbalisanten spraken het letsel van de aangever tegen.
Gelet op deze omstandigheden kon de rechtbank geen wettig en overtuigend bewijs vinden voor de tenlasteleggingen en sprak verdachte vrij. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van diefstal met geweld en afpersing wegens onvoldoende bewijs.