Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiserV-nummer: [V-nummer]
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft op 24 februari 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag van 28 augustus 2023 om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (MVV) in het kader van nareis. Pas op 3 oktober 2025 heeft de minister alsnog op de aanvraag beslist en deze ingewilligd. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat de minister niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist en daarmee geheel aan het beroep tegemoet is gekomen. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de rechtbank in dat geval de proceskosten aan de minister opleggen.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op €453,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb), met een wegingsfactor 'licht' vanwege de beperkte aard van het beroep. De minister wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
De uitspraak is gedaan door rechter W.H. Bel, in aanwezigheid van mr. Y. Chakur, en is geanonimiseerd gepubliceerd.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot betaling van €453,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de aanvraag MVV nareis.