Op 4 november 2025 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in de zaak tussen eisers en het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk, met zaaknummer SGR 23/7725. De rechtbank beoordeelt de beroepen van eisers, die stellen dat het college niet tijdig heeft beslist op hun handhavingsverzoeken met betrekking tot een schoolgebouw. Eisers hebben op 20 juni en 24 augustus 2023 handhavingsverzoeken ingediend, maar het college heeft pas op 22 mei 2025 besloten. Eisers hebben beroep ingesteld omdat zij van mening zijn dat het college in verzuim is. De rechtbank stelt vast dat eisers geen rechtsgeldige ingebrekestelling hebben gedaan, wat betekent dat hun beroep niet-ontvankelijk is. De rechtbank concludeert dat de besluiten van 22 mei 2025 alsnog zijn genomen, maar dat de inhoudelijke beoordeling van de zaak niet aan de orde is, omdat het beroep niet voldoet aan de eisen van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank verwijst het beroep van rechtswege tegen de besluiten van 22 mei 2025 naar het college voor verdere behandeling in de bezwaarprocedure. De eisers krijgen geen griffierecht terug en ook geen vergoeding van proceskosten.