ECLI:NL:RBDHA:2025:23028

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
3 december 2025
Publicatiedatum
4 december 2025
Zaaknummer
NL25.33785
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • B.F.Th. de Roos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 42 VwBesluit tot instelling van het besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingebrekestelling bij asielaanvraag Syrië

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op zijn asielaanvraag van 2 augustus 2024. De rechtbank beoordeelt het beroep buiten zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro.

De wettelijke beslistermijn voor asielaanvragen is zes maanden, wat in deze zaak zou betekenen dat de beslissing uiterlijk op 2 februari 2025 genomen moest zijn. Echter, op de asielaanvraag is het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium van toepassing, omdat eiser de Syrische nationaliteit heeft en zijn aanvraag voor 14 juni 2025 is ingediend. Dit moratorium schort de beslistermijn op van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, waardoor de termijn pas op 14 juni 2025 hervat werd en eindigt op 2 augustus 2025.

De ingebrekestelling door eiser is ingediend op 7 juli 2025, terwijl de beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor is het beroep tegen het uitblijven van een besluit kennelijk niet-ontvankelijk. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.33785

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser,

V-nummer: [V-nummer],
(gemachtigde: mr. Z.M. Alaca),
en
de minister van Asiel en Migratie, [1] verweerder.

Inleiding

Eiser heeft op 24 juli 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 2 augustus 2024.
De rechtbank doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Beoordeling door de rechtbank

1. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb is bepaald dat het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
2. Op grond van artikel 42, eerste lid, van de Vw moet er binnen zes maanden op een asielaanvraag worden beslist. De beslistermijn zou daarom op 2 februari 2025 eindigen.
3. Op de asielaanvraag van eiser is het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [2] van toepassing. Eiser stelt namelijk dat hij de Syrische nationaliteit heeft. Ook heeft verweerder nog geen besluit genomen op de asielaanvraag en is de asielaanvraag ingediend voor 14 juni 2025. Verder is niet gebleken dat eiser viel onder één van de in artikel 4 van Pro het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [3] genoemde categorieën die uitgesloten zijn van de werking van het besluitmoratorium. Het gevolg is dat de beslistermijn was opgeschort voor de duur van het besluitmoratorium. Dit was van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025. De wettelijke beslistermijn is daarom hervat op 14 juni 2025. De beslistermijn eindigt daarom op 2 augustus 2025.
4. Dat betekent dat op het moment van indiening van de ingebrekestelling op 7 juli 2025, de beslistermijn nog niet was verstreken. Daarom is het beroep tegen het uitblijven van een besluit op de aanvraag kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 3 december 2025 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Mohandes, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
2.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538.
3.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538.