ECLI:NL:RBDHA:2025:22990

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 december 2025
Publicatiedatum
4 december 2025
Zaaknummer
NL25.32805
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 8:54 AwbArt. 42 Vreemdelingenwet 2000Besluit tot instelling van het besluitmoratorium
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebrekestelling bij asielaanvraag in besluitmoratorium

Eiser diende op 18 juli 2025 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 16 augustus 2024. De rechtbank beoordeelde de ontvankelijkheid van het beroep op grond van de Algemene wet bestuursrecht.

De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 16 februari 2025 eindigen, maar vanwege het besluitmoratorium voor Syrische asielzoekers, dat liep van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, werd deze termijn opgeschort en hervatte op 14 juni 2025, waardoor de termijn eindigde op 16 augustus 2025.

Eiser stelde de minister op 2 juli 2025 in gebreke, maar dit was nog vóór het einde van de beslistermijn, waardoor de ingebrekestelling prematuur was. Hierdoor voldeed het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12 Awb Pro en werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en deed de uitspraak buiten zitting. De beslissing is genomen door rechter E.F. Bethlehem op 2 december 2025.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.32805

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], V-nummer: [V-nummer], eiser

(gemachtigde: mr. D. de Heuvel),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft op 18 juli 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 16 augustus 2024.
De rechtbank doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Overwegingen

1. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb is bepaald dat het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
2. Op grond van artikel 42, eerste lid, van de Vw [1] moet er binnen zes maanden op een asielaanvraag worden beslist. De beslistermijn zou daarom op 16 februari 2025 eindigen.
3. Op de asielaanvraag van eiser is het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [2] van toepassing. Eiser stelt namelijk dat hij de Syrische nationaliteit heeft. Verder is niet gebleken dat eiser viel onder één van de in artikel 4 van Pro het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium genoemde categorieën die uitgesloten zijn van de werking van het besluitmoratorium. Dat betekent dat in dit geval de beslistermijn voor de duur van het besluitmoratorium is opgeschort. Dit was van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025. De wettelijke beslistermijn is daarom hervat op 14 juni 2025. De beslistermijn eindigde daarom op 16 augustus 2025.
4. Eiser heeft verweerder op 2 juli 2025 in gebreke gesteld. Op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken. Dat betekent dat de ingebrekestelling prematuur is ingediend. Dit heeft als gevolg dat op het moment van het instellen van het beroep niet werd voldaan aan de vereisten waaraan op grond van artikel 6:12, tweede lid, van de Awb moet zijn voldaan voordat beroep kan worden ingesteld. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 2 december 2025 door mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Vreemdelingenwet 2000
2.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538