ECLI:NL:RBDHA:2025:22925

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
16 september 2025
Publicatiedatum
4 december 2025
Zaaknummer
NL25.6379 en NL25.6380
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Voorlopige voorziening+bodemzaak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Asielaanvraag van een lesbische vrouw uit Oeganda met tegenstrijdige verklaringen

In deze zaak heeft eiseres, een lesbische vrouw van Oegandese nationaliteit, op 20 januari 2025 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag op 10 februari 2025 afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiseres heeft beroep ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te verbieden totdat op het beroep is beslist. De zitting was oorspronkelijk gepland voor 1 mei 2025, maar werd uitgesteld wegens het ontbreken van een tolk. Uiteindelijk vond de zitting plaats op 3 september 2025, waarbij eiseres en haar gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van de verweerder en een tolk in het Engels.

Eiseres heeft haar asielaanvraag onderbouwd met verschillende documenten, waaronder een brief van de politie en verklaringen van organisaties die zich inzetten voor LHBTI-rechten. De rechtbank heeft de geloofwaardigheid van haar verklaringen beoordeeld en geconcludeerd dat de identiteit en nationaliteit van eiseres geloofwaardig zijn, maar dat de seksuele geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen ongeloofwaardig zijn. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiseres voldoende gelegenheid heeft gehad om haar relaas te onderbouwen en dat de tegenstrijdigheden in haar verklaringen niet aan haar kunnen worden tegengeworpen. Uiteindelijk heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen, omdat er geen aanleiding was om het bestreden besluit te vernietigen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Amsterdam
Bestuursrecht
Zaaknummers: NL25.6379 (beroep)
NL25.6380 (voorlopige voorziening)
V-nummer: [v-nummer]
uitspraak van de enkelvoudige kamer en de voorzieningenrechter in de zaken tussen

[eiseres] , eiseres en verzoekster (hierna eiseres)

(gemachtigde: mr. M.R. Verdoner),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. M.H. van Kersbergen).

Inleiding

1. Eiseres heeft op 20 januari 2025 een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel ingediend. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 10 februari 2025 deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond.
1.1.
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit en de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen die ertoe strekt uitzetting te verbieden totdat op het beroep is beslist.
1.2.
De zaken stonden gepland voor de zitting van 1 mei 2025, maar die zitting is niet doorgegaan wegens het ontbreken van een tolk. De rechtbank/voorzieningenrechter (hierna: de rechtbank) heeft de zaken op 23 juni 2025 op zitting behandeld, maar vervolgens aangehouden vanwege het ontbreken van een tolk in de taal Luganda. Op 3 september 2025 heeft een tweede zitting plaatsgevonden. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, I.D.O. Onwuegbuchu als tolk in de Engelse taal en de gemachtigde van verweerder.
Het asielrelaas
2. Eiseres legt aan haar asielaanvraag – kort gezegd – het volgende ten grondslag. Eiseres is van de Oegandese nationaliteit. Zij is gevlucht uit Uganda omdat zij lesbisch is en hierdoor problemen heeft ervaren. Eiseres heeft hiertoe onder andere een brief van de politie, een krant, foto’s van haar huis, verklaringen van COC Amsterdam, Roze Links en [de persoon] en enkele WhatsApp berichten overgelegd.
Het bestreden besluit
3. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens verweerder de volgende asielmotieven:
- identiteit, nationaliteit en herkomst;
- seksuele geaardheid en daaruit voortvloeiende problemen.
Verweerder stelt zich hierover op het standpunt dat de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres geloofwaardig worden geacht. De seksuele geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen acht verweerder ongeloofwaardig. Verweerder concludeert daarom dat de asielaanvraag kennelijk ongegrond is. [1]

Beoordeling van het beroep

4. De rechtbank beoordeelt het beroep van eiseres aan de hand van de argumenten die zij heeft aangevoerd, de beroepsgronden.
5. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Hieronder zal zij verder toelichten hoe zij tot dat oordeel is gekomen en welke gevolgen dat oordeel heeft.
6. Eiseres heeft ter zitting aangegeven dat zij de grond die zij heeft aangevoerd in haar beroepsschrift met betrekking tot de samenwerkingsplicht, intrekt. De rechtbank zal die grond dan ook verder niet meer behandelen.
Referentiekader
7. Eiseres voert aan dat zij veel stress heeft ervaren tijdens haar gehoor door hetgeen zij heeft meegemaakt en de detentieomstandigheden op Schiphol. Er is door verweerder onvoldoende rekening gehouden met haar referentiekader. Daarbij is er te zwaar gewicht toegekend aan haar verklaringen bij de KMar [2] . Dit gehoor is in het Engels afgenomen, terwijl eiseres onvoldoende de Engelse taal beheerst. De tegenstrijdigheden uit het gehoor bij de KMar met haar verklaringen uit het nader gehoor kunnen dus niet aan eiseres worden tegengeworpen.
7.1.
De rechtbank overweegt dat uit het gehoor bij KMar blijkt dat eiseres heeft verklaard dat zij sinds twee jaar erachter was gekomen dat zij lesbisch is en dat zij twee verschillende relaties heeft gehad. Ze had een relatie met een vrouw in Uganda en een geheime relatie met een vrouw in Dubai. Eiseres verklaart te zijn betrapt in december 2024 met een intiem moment met een vrouw en is daarom gevlucht uit Uganda. In het nader gehoor heeft eiseres verklaard dat zij meerdere relaties op jonge leeftijd heeft gehad en sinds 2015 met [naam 1] in een relatie zou hebben gezeten. [3] In haar nader gehoor verklaart eiseres verder dat zij in oktober 2024 is betrapt op een verlovingsfeest met [naam 1] en dat dit de aanleiding voor haar vertrek is geweest. [4]
7.2.
De rechtbank stelt vast dat het proces-verbaal van het gehoor bij de KMar onder ambtseed is opgesteld. [5] Voor dat gehoor is door de verbalisant vastgesteld dat eiseres voldoende de Engelse taal beheerst, om de inhoud van het gesprek te kunnen verstaan en begrijpen. [6] Uit de WhatsApp gesprekken die eiseres heeft overgelegd ter ondersteuning van haar relaas, is op te maken dat zij ook enkel in het Engels communiceert. Verder volgt uit het visumdossier van een eerdere visumaanvraag die is ingediend namens eiseres ook dat eiseres een meerjarige studie, bachelor en master, op een universiteit in het Engels heeft gevolgd. Ook de begeleidende brieven in het visumdossier zijn allemaal in het Engels.
7.3.
Ter zitting is eiseres gevraagd naar haar verklaringen bij de KMar, de visumstukken en de WhatsApp gesprekken die allemaal in het Engels zijn en haar standpunt dat zij geen of onvoldoende Engels spreekt. Eiseres verklaart dat zij telkens een ontvangen of verstuurd bericht op haar telefoon vertaalt door middel van een vertaal app en dat het visumdossier is opgemaakt door een reisagent. Zij zegt geen weet te hebben van het uitgebreide aantal stukken dat daarbij is toegevoegd.
7.4.
Uit het proces-verbaal dat bij de KMar is opgemaakt, de door eiseres ingebrachte WhatsApp gesprekken, het feit dat eiseres in het nader gehoor op verschillende momenten verklaart het Engels wel te begrijpen en op enig moment zelf naar de Engelse taal schakelt [7] en de omstandigheid dat eiseres ter zitting in het Engels heeft verklaard, blijkt volgens de rechtbank dat eiseres de Engelse taal voldoende beheerst. Eiseres heeft overigens niet aannemelijk gemaakt dat alle stukken in haar visumdossier, waaruit blijkt dat zij in het Engels heeft gestudeerd, vervalst zouden zijn. Mede gelet op de gedetailleerde inhoud daarvan, die ook overeenkomt met de eigen verklaringen van eiseres over haar studie en beroep, is er voor de rechtbank geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van die stukken.
7.5.
Met betrekking tot de stress die eiseres zegt te hebben ervaren bij zowel het gehoor bij de KMar als het nader gehoor, acht de rechtbank die verklaring onvoldoende om de tegenstrijdigheden in haar gehoor te verklaren. Uit het rapport van MediFirst blijkt niet dat eiseres niet gehoord kon worden. Tijdens haar gehoor, dat twee dagen heeft geduurd en met ondersteuning van een tolk in de taal Luganda heeft plaatsgevonden, is eiseres voldoende in de gelegenheid gesteld om pauzes te nemen [8] of haar verklaringen verder te verduidelijken. Eiseres is ook in de gelegenheid gesteld om de tegenstrijdigheden in haar verklaringen te corrigeren of aan te vullen en een zienswijze in te dienen. Daarbij heeft er tweemaal een zitting bij de rechtbank plaatsgevonden en is eiseres ook in de gelegenheid gesteld om tussen die twee zittingen een verdere schriftelijke verklaring te geven voor de tegenstrijdigheden in haar gehoor. Eiseres is dus voldoende in de gelegenheid gesteld om de tegenstrijdigheden in haar gehoor te verklaren in verschillende talen.
7.6.
De rechtbank is dan ook van oordeel dat er voldoende rekening is gehouden met het referentiekader van eiseres en dat verweerder de tegenstrijdigheden in de verschillende gehoren van eiseres heeft mogen tegenwerpen.
7.7.
Eiseres heeft ter zitting nog verzocht om opnieuw gehoord te worden. Volgens de rechtbank is eiseres voldoende in de gelegenheid gesteld om haar asielrelaas aannemelijk te maken. Zoals hiervoor ook is overwogen is eiseres meerdere keren gehoord en er hebben meerdere zittingen plaatsgevonden, waarbij de rechtbank eiseres ook nog nadrukkelijk de gelegenheid heeft gegeven om schriftelijk een reactie te geven op de tegenstrijdigheden in haar relaas. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding op eiseres opnieuw te laten horen door verweerder.
Geloofwaardigheidsbeoordeling
8. Ter ondersteuning van haar asielrelaas heeft eiseres in beroep een krant en een vertaling van verschillende WhatsApp berichten ingebracht. Uit het artikel in de krant en de brief van de politie blijkt volgens eiseres duidelijk dat zij wordt gezocht vanwege haar seksuele geaardheid en het ondersteunt dan ook haar verklaringen dat zij gevaar loopt bij terugkeer naar Uganda. De WhatsApp berichten die zij heeft overgelegd van [naam 2] ondersteunen ook dat [naam 1] vanwege de relatie met eiseres is opgepakt en in de gevangenis zit. Ook heeft eiseres een overlijdensverklaring van haar vader ingebracht evenals verklaringen van COC Amsterdam, Roze Links en van [de persoon] , de gestelde nieuwe partner van eiseres.
8.1.
De rechtbank overweegt dat uit het krantenartikel blijkt dat er een artikel is geschreven waarin de naam van eiseres wordt benoemd en de kop van het artikel luidt “deze dame wordt door de politie gezocht wegens het overtreden van de wet”. De datum van de uitgave van de krant is dezelfde als de dag waarop eiseres heeft verklaard dat haar verlovingsfeest plaatsvond, namelijk 29 september 2024.
8.2.
De rechtbank stelt vast dat, zoals verweerder terecht heeft opgemerkt, het zeer opmerkelijk is dat de krant dateert van dezelfde dag als de dag waarop eiseres, naar haar zeggen om vijf uur in de middag [9] , het verlovingsfeest heeft gehad dat volgens eiseres de aanleiding is geweest voor haar vertrek en de problemen die ze heeft ondervonden. De rechtbank heeft eiseres hier ter zitting op gewezen en zij heeft daar als verklaring voor gegeven dat het in Uganda mogelijk en niet ongebruikelijk is dat de krant diezelfde dag nog wordt afgedrukt.
8.3.
De rechtbank is met verweerder van oordeel dat het niet aannemelijk is dat het krantenartikel zou zijn opgemaakt vanwege het verlovingsfeest. De enkele verklaring van eiseres dat het gebruikelijk is in Uganda om op dezelfde avond een krant af te drukken, is niet onderbouwd. Daar komt bij dat de inhoud van het krantenartikel de verklaringen van eiseres ook niet verder onderbouwt. Uit het krantenartikel is namelijk niet op te maken waarvoor eiseres zou worden gezocht en of dat in verband staat met het verlovingsfeest of haar seksuele geaardheid.
8.4.
De rechtbank stelt verder vast dat de reisstempels in het paspoort laten zien dat eiseres op 29 september 2024 in de Verenigde Emiraten was. Eiseres heeft hierover verklaard dat haar reisagent haar paspoort in zijn bezit had en dat zij niet weet hoe die stempels in haar paspoort komen. Die verklaring acht de rechtbank onvoldoende. Eiseres heeft verder ook geen stukken overgelegd om te onderbouwen dat zij op 29 september 2024 in Uganda was. Verweerder heeft dit dan ook aan eiseres mogen tegenwerpen.
8.5.
Met betrekking tot de WhatsApp berichten van [naam 2], de gestelde zus van [naam 1], volgt de rechtbank verweerder ook in zijn standpunt dat deze niet geverifieerd zijnen dat de inhoud daarbij geen doorslaggevende waarde vormt voor het aannemelijk maken van het asielrelaas van eiseres.
8.6.
De in beroep ingebrachte overlijdensverklaring en de verklaringen van COC Amsterdam, Roze Links en [de persoon] kunnen eiseres evenmin baten. De overgelegde overlijdensverklaring van haar gestelde vader roept vooral vragen op nu deze een andere overlijdensdatum vermeldt dan waarover eiseres zelf heeft verklaard. Volgens eiseres heeft zij deze verklaring recent via een vriendin ontvangen. Echter, de verklaring is reeds afgegeven op 18 juni 2021. Eiseres heeft hier geen afdoende verklaring voor gegeven. De verklaringen van COC Amsterdam en Roze Links zijn vooral gebaseerd op de verklaringen van eiseres en kunnen daarom niet dienen als onderbouwing van haar asielrelaas. Uit de verklaring van COC Amsterdam valt verder nog af te leiden dat eiseres zich “manifesteert” als lesbisch. Dit is onvoldoende onderbouwing voor haar asielrelaas. De verklaring van de gestelde nieuwe partner van eiseres is uiterst summier te noemen en bevat geen enkele feitelijke onderbouwing. Gezien al het voorgaande, in samenhang met de al eerder geconstateerde tegenstrijdigheden, kan hier dus niet de waarde aan worden gehecht die eiseres wenst te zien.
8.7.
De rechtbank is dan ook van oordeel dat reeds hierom verweerder de asielaanvraag van eiseres heeft kunnen afwijzen als kennelijk ongegrond. De overige gronden behoeven daarom geen bespreking meer.
Het terugkeerbesluit
9. Eisers heeft nog aangevoerd dat zij, omdat zij zal moeten terugkeren via Qatar, een risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM [10] . De rechtbank overweegt in dit verband dat verweerder hier gemotiveerd op is ingegaan in het bestreden besluit. Eiseres heeft niet onderbouwd wat er op dit punt niet klopt aan het bestreden besluit.
Daarom ziet de rechtbank hierin ook geen aanleiding het bestreden besluit te vernietigen.

Conclusie en gevolgen

10. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Voor een proceskostenveroordeling is geen sprake.
11. Nu de rechtbank op het beroep heeft beslist bestaat er geen aanleiding om de gevraagde voorziening toe te wijzen. De voorzieningenrechter wijst dat verzoek dan ook af

Beslissing

De rechtbank in de zaak geregistreerd onder zaaknummer NL25.6379:
- verklaart het beroep ongegrond.
De voorzieningenrechter in de zaak geregistreerd onder zaaknummer NL25.6380:
- wijst het verzoek af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.B. de Boer, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. E. Waal, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. Tegen de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Op grond van artikel 31, eerste lid van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) en artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder c en e van de Vw.
2.Koninklijke Marechaussee.
3.Pagina 10 en 11 van het nader gehoor.
4.Bijvoorbeeld op pagina 31.
5.Zie pagina 1 van het proces-verbaal.
6.Idem.
7.Zoals op pagina 16 van het nader gehoor.
8.Zoals op pagina 12, 18 en 24 van het nader gehoor.
9.Pagina 32 van het nader gehoor.
10.Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden.