Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling
Procesverloop
Standpunten ter zitting
De advocaat bepleit afwijzing van het verzoek.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde op 31 oktober 2025 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot voortzetting van de inbewaringstelling van een minderjarige cliënt geboren in 2008, verblijvend in een zorgaccommodatie. Cliënt vertoont forse gedragsstoornissen en agressie, waardoor het verblijf in de thuissituatie niet langer veilig is voor hemzelf en zijn familie.
Tijdens de zitting was cliënt niet in staat zich te doen horen vanwege zijn toestand. De advocaat van cliënt gaf aan dat cliënt een ontslagwens heeft en pleitte afwijzing van het verzoek. De arts en behandelcoördinator benadrukten de problematiek van cliënt, waaronder een verstandelijke beperking, het Syndroom van Prader Willi, autismespectrumstoornis en gedragsstoornissen, en het belang van een passende woon- en behandelsetting.
De rechtbank oordeelde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder agressie die leidt tot escalatie en ingrijpen van politie. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven dan voortzetting van de inbewaringstelling. De machtiging wordt verleend voor zes weken, tot en met 12 december 2025, met het oog op het zoeken naar een passende woon- en behandelplek.
Uitkomst: De rechtbank verleent machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor zes weken wegens onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.