ECLI:NL:RBDHA:2025:22592
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
De rechtbank Den Haag heeft op 19 september 2025 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel werd door de minister van Asiel en Migratie opgelegd en het voortduren ervan werd door de rechtbank ambtshalve getoetst.
De rechtbank had de maatregel reeds eerder rechtmatig bevonden tot het sluiten van het onderzoek op 25 juni 2025. In deze procedure beoordeelde de rechtbank uitsluitend de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel na die datum. Omdat eiser geen beroepsgronden tegen het voortduren van de maatregel had aangevoerd, beperkte de rechtbank haar toetsing tot een ambtshalve beoordeling aan de hand van de criteria uit het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 8 november 2022.
De rechtbank vond geen aanwijzingen dat het voortduren van de maatregel onrechtmatig was en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens wees zij het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.