Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn is overschreden en dat het beroep gegrond is. Er is sprake van bijzondere omstandigheden vanwege achterstanden bij de behandeling van asielaanvragen.
De rechtbank bepaalt een nieuwe beslistermijn tot uiterlijk 6 februari 2026, waarbij rekening wordt gehouden met zowel het belang van een zorgvuldige beslissing door verweerder als het belang van eiser om snel duidelijkheid te krijgen. Tevens wordt een rechterlijke dwangsom van € 100 per dag met een maximum van € 15.000 opgelegd voor het geval verweerder niet binnen deze termijn beslist.
Daarnaast worden proceskosten aan eiser toegekend voor de door een gemachtigde verleende rechtsbijstand. De rechtbank baseert haar oordeel op relevante wetsartikelen uit de Vreemdelingenwet 2000, de Algemene wet bestuursrecht en jurisprudentie. De uitspraak is gedaan door rechter S.E. van de Merbel en openbaar gemaakt zonder zitting.