Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2025:22530

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
28 november 2025
Publicatiedatum
28 november 2025
Zaaknummer
NL25.49873
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Rechters
  • H. Hanssen - Telman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:57 AwbAlgemene wet bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure Dublin-verordening

Verzoeker, van Algerijnse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek.

Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De rechtbank besloot op grond van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) het onderzoek ter zitting achterwege te laten.

Op dezelfde dag deed de rechtbank uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL25.49872), waardoor de voorlopige voorziening niet langer nodig was. De voorzieningenrechter wees daarom het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.49873

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoeker,

geboren op [geboortedatum] ,
van Algerijnse nationaliteit,
V-nummer: [nummer] ,
(gemachtigde: mr. H.J. Janse),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Procesverloop

1. Bij besluit van 13 oktober 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
1.1.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep [1] ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
1.2.
In de beroepsprocedure heeft de rechtbank op grond van artikel 8:57 van Pro de Awb [2] bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft.

Overwegingen

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.49872, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen - Telman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. de Boer, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.NL25.49872.
2.Algemene wet bestuursrecht.