Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde op 26 november 2025 het beroep van eiser tegen de maatregel van bewaring die op 14 november 2025 door de minister van Asiel en Migratie was opgelegd. Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende vreemdeling, had zijn asielaanvraag op 13 november 2025 ingetrokken. De minister wijzigde daarop de grondslag van de bewaring en handhaafde de maatregel op basis van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet.
De rechtbank stelde vast dat het digitale dossier compleet was en dat de wijziging van de grondslag binnen de vereiste 48 uur had plaatsgevonden. De minister motiveerde de bewaring met diverse zware en lichte gronden, waaronder het niet op voorgeschreven wijze binnenkomen van Nederland, het onttrekken aan toezicht, het niet meewerken aan vaststelling identiteit en het niet naleven van terugkeerplicht.
Eiser betwistte deze gronden, maar de rechtbank oordeelde dat de gronden feitelijk juist en voldoende gemotiveerd waren. De rechtbank concludeerde dat er een reëel risico bestond dat eiser zich aan het toezicht zou onttrekken en dat een lichter middel niet effectief zou zijn. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.